zondag 17 april 2011

Kinderbijbel

De kijk- en vertelbijbel
De kijk- en vertelbijbel van Jan Godfrey en Paola Bertolini Grudina bevat 66 verhalen die op een eenvoudige manier verteld worden. De bijhorende illustraties zijn ook erg mooi en ondersteunen het verhaal. Het zijn verhalen uit het Oude en het Nieuwe Testament. Ieder verhaal is erg kort en geschreven over twee bladzijden. De verhalen volgen ook niet op elkaar waardoor je toch altijd kan blijven volgen, ook al heb je al eens een verhaal gemist. Doordat de verhalen niet op elkaar volgen, vind ik het een makkelijk te hanteren boek voor in de klas. Ik heb nog een ander kinderbijbel gelezen en doordat het verhaal altijd doorliep, vond ik dat ook minder aantrekkelijk om in de klas te gebruiken. Het boek is op een erg kindvriendelijke manier geschreven met zeer veel nadruk op het taalgebruik. Het maakt het bijbelverhaal erg toegankelijk en begrijpelijk voor kinderen.
Bijvoorbeeld: de 10 geboden, ik citeer stukjes uit het geschreven verhaal:
God gaf Mozes tien speciale regels, die geschreven waren op twee grote stenen. De regels om ons en andere mensen gelukkig te maken en ons te helpen om goed te leven.
'Ik ben de ware en levende God', zei God. 'Je mag geen andere goden hebben.
...
'Zorg goed voor je mama en je papa', zei God. 'Wees beleefd en lief en aardig en gehoorzaam'.
En doe niemand kwaad. Denk er niets eens aan om iemand pijn te doen. Je mag niemand doden.
...


Ik vind het erg mooi dat het verhaal en de boodschap behouden wordt, maar dat een omgevormd is tot een meer kindvriendelijk en verstaanbaar verhaal. Nog een voordeel van de afzonderlijke verhalen is dat je deze Bijbel altijd kan gebruiken voor je godsdienstlessen.


Vertel me over God
Vertel me over God is ook een kinderbijbel dat verhalen bevat uit het Oude en het Nieuwe Testament en de Koren. Het verhaal wordt verteld door opa, als antwoord op de vragen van zijn kleinkinderen Ben en Mien. Opa legt ook uit dat christenen, joden en moslims eigenlijk vaak teruggrijpen naar dezelfde teksten.
Integenstelling tot de kijk- en vertelbijbel zou ik deze Bijbel niet in de klas gebruiken omdat de verhalen op elkaar volgen en doorlopen in elkaar. Je kan niet één verhaal eruit selecteren in functie van een onderwerp binnen je lessen. Je moet de achtergrond al kennen van het verhaal en de personages kennen om de opzet van de bijbel te begrijpen. Het is wel een mooi boek voor kinderen die het thuis willen lezen, maar het is zeker geen gemakkelijk boek om te lezen. Ondanks dat er om de omslag staat geschreven dat het boek in een taal is geschreven dat aangepast is voor kinderen vind ik het toch nog erg moeilijk en het leest minder vlot dan de kinderbijbels die ik vorig jaar heb gelezen of de kijk- en vertelbijbel.

Het is erg moeilijk om een bijbel te schrijven waarbij het verhaal behouden blijft, de juiste boodschap overgebracht wordt, de kinderen aan het denken zet, maar daarnaast ook afgestemd is op de kinderen zelf. Ik ben daar zelf erg kritisch in omdat ik vind dat godsdienst lessen verstaanbaar en herkenbaar moeten zijn voor de kinderen en hun zeker niet mogen afschrikken of een afkeer doen krijgen van godsdienst in het algemeen. Daarom vind ik het ook belangrijk om het juiste verhaal te gebruiken in de klas, maar ook verhalen en gebeden te laten terugkomen binnen andere lessen en thema's.

Zo kun je bidden...

Zo kun je bidden... is een reeks van boeken geschreven door verschillende auteurs en die worden onderverdeeld per thema.
Bijvoorbeeld: Zo kun je bidden als je verdrietig bent.
Het boek heeft de bedoeling om:
- het kind te helpen met zijn verdriet te erkennen, te begrijpen wat het voelt
- proberen telkens een opening, een uitweg te vinden
- afstappen van de mythe van een God die verantwoordelijk is voor het kwaad
- het kind aanmoedigen om verdriet bij de wortel te herkennen: er is iets gebroken

Het is een boek waarmee kinderen zelf aan de slag kunnen gaan, maar dat je zeker ook in de klas kan gebruiken. Het boek stelt een heel aantal vragen die bij de kinderen een aanzet kunnen geven om zelf vragen te stellen of op zoek te gaan naar antwoorden.

bijvoorbeeld:

Verdriet, waarom toch?

ALs je verdriet hebt,
voel je in jezelf
soms een waterval van vragen naar het 'waarom'.
Waar komt pijn vandaan?
Waarom overkomt die juist mij?
Waar is het goed voor?
Waarom...waarom?


Binnen het boek wordt 'verdriet' ook opgedeeld in verscheidene titels zoals: ziekte, de dood, een ramp, ruzie, jaloezie, eenzaamheid,...

Bijvoorbeeld: Ziekte

Of je nu echt ziek bent of alleen maar een beetje koortsig,
het is altijd naar om pijn te vlen in je lijf.
Soms huil je of schreeuw je en soms ben je stil.
Maar het maakt niet veel uit: in je lichaam gaat het tekeer als de golven tegen een boot.

Mijn God, als mijn lichaam ziek is, is het fijn als iemand mijn hand vasthoudt.


Als ik dan denk aan de tsunami ramp in Japan, waar de kinderen toch ook heel wat vragen bij hebben, dan zou je dit boek ook kunnen gebruiken:

Als er een orkaan is of een aardbeving,
als duizenden mensen geen water meer hebben, geen brood,
dan lijd ik met hen mee.
Ik snap er niets van.
God, waar komt al die ellende vandaan?

God, ik weet niet hoe al die nare dingen ontstaan,
maar ik hoop, net als Jezus, dat ze voor altijd verdwijnen.



Zo kun je bidden... is een mooie reeks van boeken die binnen verschillende thema's aan bod kunnen komen in de les. Er worden veel vragen gesteld waarmee je samen aan de slag kunt gaan, bij stil kunt staan en er over praten. Het is zeer kindvriendelijk en het taalgebruik is ook kindvriendelijk. Ik zou deze reeks zeker gebruiken in de klas.

Kan ik Je even spreken?

Kan ik Je even spreken? is een bijbels gebedenboek geschreven door Erwin Roosen. Erwin Roosen probeert op een kindvriendelijke taal het evangelie dichter bij de kinderen te brengen. Bij alle belangrijke verhalen uit de vier evangelies is een kort gebedje geschreven. Er staat een stukje uit het evangelie en dan een gebed geschreven. Ik vond het boek minder toegankelijk voor kinderen dan het andere gebedenboek 'Even stil'. In het boek 'Even stil' zijn de gebeden afgestemd op de leefwereld van de kinderen en de thema's die bij hun leven (zoals vriendschap, pesten, vakantie, liefde,...) horen en dat mis ik in het boek van Erwin Roosen. Ik zou het in de klas of thuis zelf niet gebruiken, maar misschien zou dit wel gebruikt kunnen worden bij jongeren als voorbereiding op hun Vormsel of de pastoor in de zondagsmis zodat de mis ook meer afgestemd is voor jongeren. Dit wil niet zeggen dat er geen mooie gebeden in het boek voorkomen.


Toen ik nog maar heel klein was,
wilde Herodes Mij al doden.
Daarom vluchtten mijn ouders met Mij naar Egypte.
Jezus (naar Matteüs, 2.13-14)


Vanaf het begin waren er mensen,
die niets van jou moesten hebben, Jezus.
Het liefst van al zouden ze Je meteen
uit de weg hebben geruimd!
Gelukkig kon Je altijd terugvallen
op je mama en papa,
wat er ook gebeurde!




Ik merkte dat mijn leerlingen een beetje onzeker werden.
Daarom zei Ik tegen hen dat ze geen schrik moesten hebben
en dat er altijd wel mensen tegen ons zouden zijn.
Jezus (naar Lucas: 12,49-53)

Mijn geloof in Jou is niet altijd even groot, Jezus.
Soms durf ik zelfs niet vertellen dat ik van Je hou,
uit angst dat ik uitgelachen zal worden.
Wil Jij mij op die momenten een duwtje in de rug geven?

Even Stil

Wat is bidden? Je afsluiten? Met neergeslagen ogen op de knieën zitten? Naar de hemel kijken? Een teken van God verwachten? Proberen hem 'aan de lijn' te krijgen? Dat kan...
Maar bidden heeft met alles van je jonge leven te maken: het is ook nadenken en lachen, boos en verdrietig zijn, vragen stellen en antwoorden vermoeden. Het is over ales wat je hoort en meemaakt, praten met God.

Even stil is een gebedenboek voor kinderen van 10 tot 12 jaar. De auteur Iny Driessen slaagt erin om op een kindvriendelijke manier een gebed te maken waarvan je stil wordt en gaat nadenken. Het boek is afgestemd op de leefwereld van de kinderen en erg toegankelijk. Het is een aanrader om dit te gebruiken in de klas, maar ook thuis.

Voor mijn twee stageweken neem ik enkele gedichten mee uit dit boek om voor te lezen in de klas en ook even bij stil te staan met de kinderen. Ik heb drie gedichten gekozen die betrokken kunnen worden binnen het thema van mijn lessen.

Lente:

Die kriebel in mijn buik vanmorgen,
dat kon niets anders zijn
dan de lente die samen met de zon
door het gordijn kwam piepen!
Dankjewel, Heer,
voor alles in de natuur
dat opnieuw begint te bloeien,
dank voor de zachte kleuren
die je in groen en blauw en roze
over de wereld legt.
Dank voor de eerste vogels
en hun nestjes onder het dak.
Hoe heb je dat toch allemaal
kunnen regelen?



moederdag

Dankjewel, God,
voor de mama die je me gaf - die mij kreeg!
Soms is ze wel humeurig,
of zelfs verdrietig.
Maar dat geeft niet: ze is mijn mama.
En ze laat me iets zien van jou:
hoe lief en zacht je bent,
hoe je zorgt voor je kinderen en hen beschermt.
Zorg jij ook goed voor mijn mama?



Vriendschap

Lieve Vader,
vandaag willen we je eventjes danken
omdat het echt gezellig is in de klas.
We zijn gewoon goeie vrienden,
we lachen en spelen en leren samen.
Op deze manier
is naar school gaan echt leuk.
De juf krijgt vast nog wel een tof idee
waaraan we samen kunnen werken.
Iedereen hoort erbij vandaag,
we zijn gewoon één grote groep.
Is dat niet eens de moeite
om jou voor te danken, lieve God?

zondag 3 april 2011

Vasten in de klas!

In de klas gaat vasten ook rond het thema 'maak ons overbodig'. Om het thema in te leiden werd de video getoond over Burundi. Iedere week wordt er een verhaal verteld in de klas over de kinderen in Burundi. Er hoort ook een themalied bij dat dan gezongen wordt. Er wordt geen geld ingezameld omdat dit verboden wordt door de directeur van de school. De bedoeling is enkel te sensibiliseren.
Daarnaast heb ik nog eens nagevraagd of er iets gedaan werd rond 'de Goede Week', maar omdat deze in de paasvakantie valt, wordt hier niets over verteld of mee gedaan.

Geloven!

Wat ik nu ga vertellen, is heel erg persoonlijk en daarom hoop ik ook dat dit niet in de klas wordt besproken.

Mijn man en ik hebben een grote kinderwens en helaas zijn we in behandeling moeten gaan omdat er toch wat problemen zijn. Die behandeling is een zware lichamelijk en mentale belasting. Het zijn niet alleen de vele onderzoeken die het erg zwaar maken, maar de teleurstellingen wegen altijd weer zwaarder door. De combinatie behandeling –voltijds werken- school – stage- huis bouwen en privé weegt vaak ook té zwaar voor mij. Er zijn dagen dat het me allemaal net wel lukt, maar er zijn ook dagen dat ik er volledig door zit. Zo een dag had ik afgelopen zaterdag. Ik weet dan geen blijf met mezelf en de tranen staan me voortdurend nader. Om mijn gedachten te verzetten, had mijn mama me meegenomen om te gaan winkelen. We kwamen op de markt in Bilzen en mijn oog viel op de kerk. Het leek wel alsof ik naar daar werd gezogen. Ik vroeg aan mama of ze zin had om een kaarsje te gaan laten branden. Mama vertelde dat ze deze morgen al een kaarsje voor mij was gaan laten branden, maar dat ze zeker zin had om mee te gaan. We zijn dan met ons twee aan het beeld van de Heilige Familie gaan zitten. Nadat ik de noveenkaars was gaan aansteken, zei mama dat ik maar een Weesgegroetje moest bidden dat alles goed kwam. Maar daar had ik niet zo een nood aan want ik had mijn eigen woorden en vragen. In gedachten heb ik een hele conversatie gevoerd met mezelf of met Jezus of Maria, ik weet het niet. Ik vroeg me af: “waarom ik? “ Maar dan vroeg ik me onmiddellijk ook af: “Waarom Jij?” “Waarom heb Jij dit moeten meemaken?, Wat hebben wij van Jou daaruit geleerd? Wat moet ik hieruit leren? Welke boodschap moet ik hieruit halen? Welke boodschap heb Jij gegeven? Hoe kon jij vertrouwen hebben? Op wat moet ik vertrouwen?” Tientallen vragen! En opeens viel het me te binnen: “ik moet geloven!”. Net zoals Hij geloofde, moet ik ook hierin geloven. Ik moet mijn kracht putten uit dat geloof. En van dat moment ervaarde ik zoveel kracht. Dit klinkt zo onnozel, maar het voelde wel zo aan. En terwijl we allebei aan het wenen waren, zei ik tegen mama: “ Het komt allemaal wel goed! We moeten vertrouwen hebben.” Ik denk dat we nog een half uur in de kerk hebben gepraat en gelachen. We hadden allebei geen zin om op te staan. Ik ga nu zeker niet beweren dat opeens mijn verdriet voorbij is, maar ik heb wel meer momenten dat ik hieraan terugdenk en toch wat meer geloof in een goede afloop. Het heeft me ergens wel geholpen om het allemaal meer een plaats te geven en ik haal toch ook sterkte uit dat geloof.

Armbandjes van Heiligen!

In Het Belang van Limburg stond een artikel met als kop: “Heilige armbandjes hip bij jongeren”. Het betreft armbandjes met heiligenbeeltenissen die erg populair zijn bij jongeren. Van Pater Pio tot de overleden paus Johannes Paulus II, op elk kraaltje van de armband plakt een afbeelding van een andere beschermheilige. De bedoeling is dat je deze altijd aanhoudt en de prentjes zullen een voor een afvallen. De prent die het laatste blijft plakken: dat is hun persoonlijke beschermheilige. Er zijn ouders die niet tevreden zijn met de nieuwste rage omdat de kinderen bijvoorbeeld hun plechtige communie niet willen doen, maar wel een armbandje willen van heiligen.

Ik zag in de museumshop in Hasselt dat ze zelfs een speciaal model hebben laten maken waar ook het Heilig Paterke van Hasselt ook op staat. Dus ze pikken toch maar even in op de nieuwste trend. Toen ik de verkoopster hiernaar vroeg zei ze zelf dat dit helemaal niets te maken heeft met ‘geloven’ of een teken is van gelovig zijn. Als ik dan vroeg waarom ze aan de trend meededen dan bleef ze mij een antwoord schuldig.

Heel veel idolen dragen godsdienstige symbolen zoals een kruisteken of een paternoster en dit heeft ook niet altijd met geloof te maken. De hippe Justin Bieber draagt ook deze armbandjes van heiligen. Kinderen zien dat en pikken in op deze trend. Eigenlijk is het gewoon een rage zoals een andere en in plaats van dat het nu ‘allstar’ schoenen zijn of een ‘eastpack’ rugzak, moet iedereen nu dit armbandje dragen. Met de rage heb ik niet zoveel moeite, want ik vind de armbandjes zelfs wel mooi, maar met het concept heb ik meer moeite. Waarom moeten de Heiligen afvallen? Waarom moet de laatst overblijvende geassocieerd worden als uw beschermheilige? Eigenlijk is het gewoon een spel zonder betekenis. Ik vind het wel veelzeggend dat de kerkwinkels hierop inspelen en de armbandjes ook gaan verkopen. Ze hadden dan beter de armbandjes van de Heiligen ook laten maken, maar niet in deze spelvorm. Als ik leerlingen in mijn klas zou hebben die dit zouden dragen dan ik die Heiligen die daarop staan eens ruim bespreken. Bijvoorbeeld: “Wie is die persoon, wat heeft die gedaan, voor wat staat die symbool, wat is eigenlijke een beschermheilige, wat doet een beschermheilige, wie kan je nog een beschermheilige noemen, ben jij soms als een“beschermheilige” voor iemand, wat doe je dan?…”

Ik zou zeker niet meegaan in deze nieuwe trend, maar ik zou er wel gebruik van maken om het begrip beschermheilige eens nader te bespreken met de leerlingen

Vasten op het werk!

De Broeders van Liefde organiseren tijdens de vasten een inzamelactie voor de kinderen van Rwanda. De slogan luidt: “Dromen waarmaken voor kinderen met een handicap in Rwanda”. Ik ben de dvd die voor kinderen gemaakt is, gaan bekijken en het gaat er eigenlijk om dat kinderen met een fysieke handicap niet naar school kunnen of mogen gaan in Rwanda. Ze kunnen door hun handicap ook niet op het veld werken en ze verblijven hele dagen in hun hut. De kinderen vertellen over hun dromen dat ze dokter of verpleegster willen worden, maar doordat ze niet naar school mogen gaan, is het onmogelijk dat deze droom ooit zal uitkomen. HVP is een grote instelling voor kinderen met een handicap en zij voorzien medische zorg en onderwijs voor kinderen met een handicap. Ze gaan dan de kinderen uit de dorpen halen en brengen deze naar die instelling waar ze in al hun behoeften worden voorzien. Twee kinderen doen hun verhaal in de film. Ezira heeft maar één been en krijgt een op maat gemaakte prothese en gaat naar het internaat zodat hij naar school kan gaan. En Jacqueline is blind en leert hoe ze zelfstandig kan functioneren met deze visuele handicap. Ook zij gaat naar het internaat zodat ze naar school kan gaan. Ik vond de dvd uiterst geschikt voor kinderen omdat ‘wij’ het evident vinden dat we naar school mogen gaan en naar een ziekenhuis kunnen gaan als er iets met ons scheelt. De armoede is ook erg duidelijk te zien op de dvd en de kinderen moeten ook nog werken op het veld in plaats van te spelen of te leren. Als ik hiermee in de klas aan de slag zou moeten gaan dan zou ik vooral proberen te duiden in de richting van die dromen en die kansen die wij als vanzelfsprekend achten, maar in werkelijkheid een kans is die we met beide handen moeten grijpen.

Ik zou er een kringgesprek van maken, allemaal samen zitten op een matje op de grond en misschien zelfs onze ogen afdekken of een andere handicap simuleren om ons beter te kunnen inleven in de kinderen van Rwanda. Een kringgesprek voeren en vragen stellen zoals: wat wil jij later worden?, wat is jouw droom?, Wat doe jij als je na school thuis komt? Hoe zouden we deze kinderen kunnen helpen?, ...

Op mijn werk wordt er geld ingezameld door middel van verschillende acties zoals appelverkoop, vrijwillige bijdrage,…

Er gaat ook effectief iemand naar Rwanda binnen een paar maanden zodat we het resultaat kunnen zien van de gevoerde acties.